Het wordt winter! Het dicteeseizoen is weer begonnen! In het verleden zat ik, pen in de aanslag, fanatiek voor de televisie tijdens het Groot Dictee der Nederlandse taal. Kijken of ik net zo weinig fouten kon maken als de winnaar.

Al geruime tijd heb ik dat gevoel niet meer. De officiële spelling van Het Groene Boekje is naar mijn mening te intellectueel en te onpraktisch; men probeert te veel dingen in regels te vangen.

Inmiddels spel ik al jaren ‘wit’, tenzij opdrachtgevers anders vragen. Ik mag zelf beslissen of ik een tussen-n plaats of niet bij koninginnesoep, of ik voor de leesbaarheid een deelstreepje gebruik bij jazz-zangeres; ik schrijf havo’er (i.p.v. havoër) naast vwo’er, ik reïncarneer én reïntegreer (i.p.v. re-integreer), en ik doe op u een appèl. Het zijn vooral journalisten en schrijvers die wit schrijven, en scholen en ambtenaren groen.

Maar absurd is het wel, om in een beperkt taalgebied als het onze twee spellingen naast elkaar te hebben. De Groene, officiële spelling van de Taalunie, versus de Witte “anarchistische” spelling van het Genootschap Onze Taal en een aantal gezaghebbende media. Hoe leg je dat aan een buitenlander uit? Is het nu: 1-aprilgrap, goedheiligman en no-go-area (wit) of: 1 aprilgrap, goedheilig man en no-goarea (groen)? Een consequent woordbeeld, zo belangrijk om goed te leren spellen, kun je wel vergeten.

 

credits: Rennet Stowe cc